Nummer 24

Kalle Oranen

De nummer vierentwintig in de top 65 maakte vanaf eind jaren zestig alle successen van FC Twente mee. De eerste jaren als bankzitter, maar toen de Enschedese trots begin jaren zeventig echt indruk ging maken, stond hij steevast in de basis als linksachter. Zijn naam: Kalle Oranen.

Klik hier voor historische videobeelden

Hoewel Kalle Oranen geboren is in Boekelo en dus een rasechte Tukker is, doet zijn naam niet echt Twents aan. Hij verklaart: “Mijn vader is een geboren Fin. Hij streek vlak voor de oorlog neer in Nederland. Hij was in Finland fysiotherapeut en destijds liepen ze daar qua kennis en behandelingsmethoden ver voor op Nederland. Hij is toen gevraagd door dokters van het Enschedese ziekenhuis om naar Nederland te komen en nadat hij mijn moeder heeft ontmoet is hij er altijd blijven wonen.”

Kalle Oranen maakt op achttienjarige leeftijd zijn debuut in de eredivisie. Niet voor FC Twente, maar voor haar voorganger Sportclub Enschede. Want Oranen is er al bij wanneer ‘de groenen’ en ‘de zwarten’ in 1965 samen verder gaan als FC Twente. Hij is op dat moment echter niet meer dan een veredelde jeugdspeler en maakt in de eerste seizoenen slechts een paar keer zijn opwachting in het eerste elftal. Pas in het seizoen 1970-1971, Oranen is dan al 24 jaar, breekt hij definitief door. Toch overwoog hij nooit de Enschedese club te verlaten. “Het was in die tijd natuurlijk anders dan nu. Ik heb jarenlang voor een klein contract gespeeld en had daarnaast ook baantjes buiten het voetbal. Zo werkte ik bijvoorbeeld halve dagen bij Arke, dat had Ferdinand Franssen voor me geregeld. Bovendien studeerde ik in de avonduren aan de HBS. Ik was dus niet afhankelijk van het voetbal alleen en wachtte geduldig op mijn echte doorbraak bij FC Twente.”

Die komt er dus in de loop van het seizoen 1970-1971 wanneer trainer Kees Rijvers hem de voorkeur geeft boven Issy ten Donkelaar. Plots valt het elftal goed in elkaar en samen met Piet Schrijvers, Cees Van Ierssel, Epy Drost en Willem de Vries vormt Oranen een defensie die moeilijk te passeren is. Een defensie die niet alleen garant staat voor weinig tegengoals, maar die ook voor aanvallende impulsen zorgt.

Oranen: “Uiteraard schoof Epy regelmatig door naar het middenveld, maar Cees en ik stoomden ook veelvuldig op langs de zijlijn om van daaruit de spitsen met voorzetten te bedienen.” In het seizoen 1971-1972 vestigt de ploeg van Rijvers een record dat nog altijd standhoudt. De Twentse defensie incasseert dat seizoen slechts dertien tegendoelpunten. “Het gekke is”, aldus Oranen, “dat we ons daar destijds helemaal niet mee bezighielden, pas achteraf besef je wat een ongekende prestatie dat eigenlijk was.”       

De seizoenen die volgen zijn niet minder succesvol en in de jaargang 1973-1974 mist Twente op een haar na de titel. Op de voorlaatste speeldag gaat de ploeg van Rijvers opvolger Spitz Kohn met 3-2 ten onder tegen de latere landskampioen Feyenoord. “Van Hanegem had er met een rode kaart vanaf gemoeten, dan had ik het nog wel willen zien”, aldus Oranen.

Maar de Europese ontmoetingen zijn voor Oranen de absolute hoogtepunten in zijn loopbaan. Met name de wedstrijden tegen Juventus. “In 1971 verloren we uit met 2-0, thuis maakten we die achterstand ongedaan, maar verloren we alsnog in de verlenging. Vier jaar later namen we in de halve finale van het UEFA Cup-toernooi revanche door twee keer van ze te winnen. Onvergetelijk.”

In 1977 mist Oranen wegens een blessure de gewonnen finale van het KNVB-bekertoernooi tegen PEC Zwolle. Het is tevens het laatste seizoen van de linksachter bij FC Twente. “Jan Jeuring stopte dat seizoen ook, Willem de Vries was al gestopt, Eddy Achterberg vertrok naar Groningen, en andere oudgedienden zoals Drost, Van Ierssel en Pahlplatz waren ook in de herfst van hun carrière aanbelandt. Je merkte aan alles dat de hoogtijdagen een beetje voorbij waren. Bovendien had ik, zoals reeds eerder gezegd, naast mijn voetbalcarrière ook oog voor mijn maatschappelijke loopbaan.'

'Ik ben toen in Den Haag gaan studeren aan de ALO en heb hier mijn papieren gehaald om als gymnastiekleraar aan de slag te kunnen gaan. We woonden destijds in Nootdorp, waar ik ook als leraar werkzaam was op de basisschool Toch hangt Oranen de kicksen nog niet aan de wilgen. Heracles heeft namelijk interesse in de geroutineerde verdediger en die club gaat ermee akkoord dat Oranen alleen op vrijdag meetraint in Almelo en op zaterdag zijn wedstrijden afwerkt. “Heracles speelde in die tijd nog in de eerste divisie en de selectie bestond louter uit semi-profs. Voor mij de ideale mogelijkheid om nog een vervolg aan mijn voetballoopbaan te geven en me tegelijkertijd maatschappelijk te ontwikkelen.”

Uiteindelijk speelt Oranen nog vijf seizoenen in het zwart-wit, voordat hij in 1982 een definitieve streep onder zijn carrière zet. In de loop van de jaren tachtig keert hij terug naar zijn geliefde Twente, waar hij gaat werken als sportleraar aan de Universiteit. Dit combineert hij bijna 20 jaar lang met de functie van hoofdtrainer van vv Drienerlo, de studentenvoetbalvereniging van de UT dat afwisselend uitkomt in de derde en vierde klasse van het zaterdagamateurvoetbal. In augustus 2008 maakt de nu 62-jarige Oranen gebruik van de VUT-regeling. Hij komt nog regelmatig kijken bij FC Twente en geniet de laatste jaren weer volop van de opmars van de Tukkers.


Kalle Oranen in 1996 als trainer van vv Drienerlo

 

 

 

 

HOOFDSPONSOR
E-mailadres
Wachtwoord
BEN JE NOG GEEN LID?
MELD JE DAN HIER AAN
 
Disclaimer | © 2010 Deze site is ontwikkeld door TriMM in samenwerking met Ontwerpatelier