04-07-2012

Donderdagavond gaat de UEFA Europa League weer van start. In de eerste kwalificatieronde treft FC Twente thuis UE Santa Coloma. Voorafgaand aan dit duel werkte de ploeg uit Andorra woensdagavond een training af in De Grolsch Veste. Vervolgens was er de persconferentie met coach Luis-Miquel Aloy. “Het is voor de spelers en staf van de ploeg een prijs om tegen een grote tegenstander aan te mogen treden, maar de taak is om FC Twente goed te laten zweten, ongeacht het niveauverschil”, sprak hij.

Aloy is realistisch en ziet in dat er een wonder nodig is om morgen met drie punten terug te reizen. “Maar voetbal is voetbal, wij gaan in ieder geval ons uiterste best doen om met een positief resultaat van het veld te stappen. Beide ploegen zijn fysiek niet met elkaar te vergelijken. Bij FC Twente kan iedereen leven van het voetbal en staan de spelers elke dag op het veld om te trainen. Wij spelen op amateurniveau en trainen zo’n drie keer per week naast ons gewone werk.” De wedstrijd van morgen is voor de Andorrese formatie echter geen uitje, de oefenmeester heeft zeker een strategie in zijn hoofd en zijn spelers zullen uiterst gemotiveerd aan de wedstrijd beginnen en proberen er het beste uit te halen. ‘We moeten ook realistisch zijn en kunnen niet anders dan vrij defensief spelen tegen een tegenstander als FC Twente”, aldus Aloy.

Morgen zullen de spelers van UE Santa Coloma voor het eerst in een groot voetbalstadion spelen. De Grolsch Veste heeft indruk gemaakt op alle spelers en medewerkers, die normaal spelen voor 300 toeschouwers. Aloy vertelde dat de loting tegen FC Twente als een verrassing kwam, maar zeker geen tegenvaller was. ‘Het zal waarschijnlijk de enige keer zijn dat we tegen zo’n grote tegenstander mogen spelen. FC Twente is een bekende naam in Andorra’, vertelde Aloy, die FC Twente in de Champions League aan het werk heeft gezien. De coach heeft onlangs ook video’s bekeken van de voorbereiding van FC Twente. ‘Het gaat een mooie ervaring worden voor ons allemaal’, aldus Luis-Miquel Aloy.

Foto’s: Frank Hillen